1. Per speelautomatenhal kan een aanwezigheidsvergunning, als bedoeld in artikel 30b lid 1 van de Wet worden verleend voor maximaal 100 kansspelautomaten.

  2. In hoogdrempelige inrichtingen zijn maximaal twee kansspelautomaten toegestaan.

  3. De vergunning, als bedoeld in artikel 30b lid 1 van de Wet, wordt verleend voor de duur van vijftien jaar.